Adventskalender

Zondag 29 november 2020, eerste adventszondag.

Psalm 25 is de psalm die traditioneel bij de eerste zondag van de advent hoort.

‘Naar u, HEER, gaat mijn verlangen uit,

mijn God, op u vertrouw ik, maak mij niet te schande.’

Verlangen en vertrouwen, dat zijn de kernwoorden.

Verlangen naar licht, naar redding, naar uitzicht, naar de (weder)komst van de Heer.

En ook vertrouwen, geloof. Dat het kwaad, de duisternis, oorlog, haat en nijd, niet het laatste woord zullen hebben.

Maandag 30 november 2020.

Psalm 25 gaat zo verder:

‘Maak mij, HEER, met uw wegen vertrouwd,

leer mij uw paden te gaan.

Wijs mij de weg van uw waarheid en onderricht mij,

want u bent de God die mij redt,

op u blijf ik hopen, elke dag weer.’

Verlangen en vertrouwen zorgen voor beweging. Zij roepen in ons het verlangen wakker om de weg van de Heer, de weg van de waarheid, de vrede en de gerechtigheid te gaan.

Dat we ook zelf, hier en nu, een stap zetten naar een betere wereld, naar een nieuwe toekomst.

Dinsdag 1 december 2020.

Wek op uw macht, o God,

en kom naar ons toe,

red ons uit de gevaren

die wij zelf ontketend hebben

en houd om ons heen

uw beschermende handen. (Gebed voor de eerste adventszondag, Dienstboek blz. 13.)

Als wij ons klein voelen, en bang, overweldigd door wat er om ons heen gebeurd, verbijsterd door wat we zelf aanrichten, moeten we het dan maar opgeven?

Juist dan, als alles ons bij de handen afbreekt, mogen we hopen op en bidden om Gods eigen initiatief, om bescherming en bewaring. Dat Hij zal doen wat Hij de eeuwen door heeft beloofd.

Woensdag 2 december 2020.

Vandaag is de internationale dag voor de afschaffing van slavernij.

De slavernij is al lang geleden, in de negentiende eeuw, afgeschaft. Althans dat dachten wij. Maar nu blijkt er niet alleen nog steeds slavernij voor te komen in landen ver weg, maar ook heel dichtbij. De situatie waarin veel arbeidsmigranten, seizoenarbeiders en anderen die aan de onderkant van de arbeidsmarkt bungelen verkeren kan je heel goed als ‘slavernij’ karakteriseren. Goed om je dat te realiseren, te benoemen en actie te ondernemen.

Maar ook de vormen van slavernij van vroeger hebben diepe sporen nagelaten in onze samenleving. Daarom voeren we het racismedebat. Niet om terug te kijken en over de schuldvraag te debatteren, maar om samen verder te gaan. Om, na erkenning van en excuses voor het aangedane leed, samen te zoeken naar gerechtigheid en vrede, om samen te voorkomen dat mensen worden uitgesloten vanwege kleur, afkomst of geloof.

Donderdag 3 december 2020.

Uit het lied ‘Gij die de wolken scheurt’ van Kees Pannekoek:
(o.a. te vinden in Zingend Geloven deel 6, nr. 90.)

Gij die de wolken scheurt

om af te dalen naar de aarde

laat uw komst ons niet ontgaan.

Gij die in onze wereld komt

om ons van het kwade te bevrijden,

ontferm U over ons.

Gij die in het einde komen zult

om het oordeel te voltrekken,

maak ons waakzaam tot in het eind.

Wek uw macht op in ons

en richt heel ons verlangen

op de komst van Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer.

Vrijdag 4 december 2020.

Een tekst van Jantine Heuvelink, gepubliceerd in ‘De Eerste Dag, jaargang 44-1, blz. 6.

Wat is het donker! Het lijkt wel nacht.

’s Ochtends kom ik met moeite mijn bed uit – wat moet ik ook alweer doen vandaag?

O ja, antwoord zoeken op de vraag: hoe moet het verder met het milieu?

Reageren op de vraag waarom sommigen er niet bij horen en anderen wel.

Een weg zoeken in mijn leven zonder te struikelen over alle chaos in de duisternis.

Het is soms zo donker.

Kan er iemand het licht aandoen?

Iemand van boven of van beneden?

Licht waarin ik jou herken als mijn vriend, mijn goede buur,

licht waarmee ik het verschil kan zien tussen goed en kwaad,

licht dat mij verwarmt zodat ik niet onverschillig blijf?

Kan iemand het licht aandoen?

Wil jij voor mij het licht aansteken?

Zaterdag 5 december 2020.

Soms hebben theologen het wel eens over ‘de voorsmaak van het eeuwig leven’.

Dat is misschien voor het onderstaande wat wijds geformuleerd. Maar toch een recept voor wat zoetigheid: Een recept uit (o.a.) de Weerklankkeuken. We noemen het ‘appeltaart zonder taart’.

Schil een paar stevige appeltjes, Elstar of zo. Snijd in partjes / blokjes.

Wel een handje rozijnen. (Kan in warm water, je kunt ook iets lekkerders verzinnen.)

Doe een klont boter (Geen namaak! Boter!) in een pan, laat de boter smelten en voeg de appels en rozijnen toe, met een snuf(je) kaneel. Laat tien minuten of een kwartiertje stoven. (Niet veel langer, het moet geen moes worden. Hoewel, als je dat lekker(der) vindt…)

Laat afkoelen en eet met een flinke schep stevige (Griekse) yoghurt en een lepel honing. Vanille-ijs kan natuurlijk ook. Maak er maar iets lekkers van! O ja, walnoten kunnen er ook bij.

Zondag 6 december 2020

De psalm die traditioneel bij de tweede adventszondag hoort is psalm 80.

‘Hoor ons, herder van Israël, die Jozef leidt als een kudde.

U die troont op de cherubs, verschijn in luister aan Efraïm, Benjamin en Manasse.

Laat uw kracht ontwaken, kom, en red ons.

God, keer ons lot ten goede, toon uw lichtend gelaat en wij zijn gered.’ (Ps. 80: 2 – 4)

God wordt getekend als de herder van Israël. Een bekend beeld (zie psalm 23), dat ook op Jezus wordt toegepast.

Maar Hij is niet zomaar een herder. Deze herder, deze God is hoog verheven, Hij is een krachtige God die troont in lichtglans. Maar een God die zich om ons bekommert, die zijn kracht en macht inzet voor kleine en verdrukte mensen. Die licht brengt in de duisternis.

Maandag 7 december 2020

Een stem die roept in de woestijn:
Draag vruchten van bekering.
De wegbereider van Gods rijk,
de schare zoekt zijn lering.
Johannes wijst op wie daar komt,
het Lam van God, je redder.
‘Ik doop met water, Hij met vuur;
ik minder, Hij gaat verder’.
Johannes is zijn naam,
Gods rijk kondigt hij aan,
hij wijst een nieuw bestaan,
een koppig godsgeschenk. (Gezang 741: 2)

Johannes daar in de woestijn, in een dor en droog gebied. Er groeit niets, het is kaal en doods. Maar het is ook het gebied waar mensen tot zichzelf komen, nieuwe inzichten opdoen, de kracht krijgen om het roer om te gooien. Zich laten inspireren tot een nieuw bestaan. Niet in de laatste plaats door zijn woorden.

Dinsdag 8 december 2020

Uit het lied ‘Gij die de wolken scheurt’ van Kees Pannekoek:

(o.a. te vinden in Zingend Geloven deel 6, nr. 90)

Gij die op de wereld komt
zoals een twijgje aan een boomstronk,
laat uw komst ons niet ontgaan.

Gij die ons allen oproept
tot daden van gerechtigheid en vrede,
ontferm U over ons.

Gij die in de wereld komen zult
om ons met Geest en vuur te dopen,
maak ons waakzaam tot in het eind.

Maak ons vrij van aardse zorgen,
opdat wij met vreugde kunnen voortgaan
op de weg van Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer.

Woensdag 9 december 2020

De tweede adventskaars.

Wat kan één kaars nu doen? Een kwetsbaar vlammetje in deze wereld.
Wat bereik je met één druppel op een gloeiende plaat?
Wie hoort één stem bij het oorverdovende lawaai van de tijd?
Wat helpt één antwoord als je er duizend vragen bij krijgt?

Ik kan het niet alleen.
Ik zoek iemand die met mij wil meedoen, zodat we samen gaan,
samen een weg zoeken die ons moed geeft en lol – dat ook.
Wil jij die andere vlam zijn, die tweede druppel, een stem in mijn koor?
Wil jij mij het lef geven om nog meer vragen te durven stellen?

Eén kaars is kwetsbaar.
Samen staan we sterk. Wil jij voor mij het licht zijn?
Wil jij voor mij de tweede kaars aansteken?

 (Jantine Heuvelink, De Eerste Dag 44-1 blz. 9.)

Donderdag 10 december 2020

Vandaag is het de dag van de mensenrechten.

Een belangrijke dag, een dag waarop we ons realiseren dat mensenrechten in deze wereld massaal geschonden worden.

Dat recht op leven, vrijheid en veiligheid niet vanzelfsprekend zijn.

De rechten van armen, vooral die van vrouwen en kinderen staan wereldwijd onder druk.

Vanwege machthebbers die zich daar niet veel aangelegen laten liggen omdat zij andere prioriteiten hebben, omdat bij bedrijven winst maken belangrijker is dan wat de mensen overkomt, of wat er met hun leefgebied gebeurt. Omdat een lage prijs voor een product vaak onze aankoopbeslissingen bepaalt.

Daarom is het van belang om bij de mensenrechten stil te staan en ons daar druk voor te maken.

Wegkijken, naar een ander wijzen, geen verantwoordelijkheid nemen, het kan en mag niet bestaan. Benoemen, aanklagen, actie ondernemen, daartoe zijn we met elkaar geroepen.

Met elkaar zijn we er in deze wereld voor verantwoordelijk dat iedereen een menswaardig bestaan kan leiden.

Vrijdag 11 december 2020

Uit het boek ‘Wat ons toekomt’ van Eugen Drewermann (blz. 152)

Met onze eindige ogen kunnen we God niet zien, maar in het krachtveld van de liefde kunnen we voelen dat Hij onder ons is. In het gezang van de poëzie kunnen we Zijn stem vermoeden en in de ogen van de ander wordt Zijn nabijheid tot aan de grenzen van het zichtbare op onvergetelijke wijze duidelijk.

Voor ieder mens die we liefdevol benaderen, openen we een venster waardoor het licht van God binnenvalt en ieder mens die ons tegemoet treedt met ogen die goed zijn, opent voor ons een venster op de eeuwigheid.

Zaterdag 12 december 2020

Vandaag een recept voor gebraden knolselderij.
– Dat lijkt niet zo voor de hand liggend, misschien, maar dit is een fantastisch bijgerecht of, met bijvoorbeeld een paddenstoelensausje, een lekker vegetarisch hoofdgerecht.
– Neem een knolselderij en boen die goed af. Schillen hoeft niet.
– Leg een brede strook dubbel aluminiumfolie klaar, en vet een beetje in.
– Leg de knolselderij daarop en leg er rozemarijn, tijm, een paar laurierblaadjes en een paar tenen knoflook erop en eromheen. (Knoflook hoeft niet gepeld, even kneuzen van de kruiden en de look levert misschien iets meer smaak op.)
– Leg een flinke klont bovenop de knolselderij en vouw het aluminiumfolie er strak omheen en goed dicht.
– Zet drie (3) uur in een over van ongeveer 180 C.
– Daarna: folie eraf, kruiden wegdoen, en in plakken snijden.

Leg een brede strook dubbel aluminiumfolie klaar, en vet een beetje in.

Leg de knolselderij daarop en leg er rozemarijn, tijm, een paar laurierblaadjes en een paar tenen knoflook erop en eromheen. (Knoflook hoeft niet gepeld, even kneuzen van de kruiden en de look levert misschien iets meer smaak op.)

Zondag 13 december
De psalm van de derde zondag van advent is psalm 85. In deze psalm vind je een kus. Een goed verblijdend begin van de nieuwe week. Enigszins bewerkt, lees ik

Voor wie leven in eerbied voor U, HEER,
zullen vrede en recht elkaar kussen. Dat zal een feest zijn!

Dat het een feest mag zijn, deze zondag, en nog meer: het kerstfeest waar we naar toeleven.
Hoe dan ook, het feest van het kind van Bethlehem.

Maandag 14 december
Na de vrijheid van de zondag komt de eerste werkdag van de week. Arbeid. Het werk dat je hebt, of het werk dat je door corona niet meer hebt. Maar toch: met pensioen of aan het begin van je loopbaan, werk. En je bidt dat wat je doet en doen moet, bij de baas of bij je wasmachine, zinvol en ook vreugdevol werk mag zijn. Nee, je leeft niet om te werken. Maar je werkt om te leven. Ik denk aan psalm 90, het slot, in mijn weergave: je zou het aan het einde van elke dag wel kunnen bidden:

HEER, het werk van mijn handen, bevestig dat

Dinsdag 15 december
Op zondag 13 december is een prachtig lied van Tom Naastepad (kent u hem nog, hij werkte in Rotterdam) niet gezongen. Ik het niet gezien, niet aan gedacht, genegeerd, terwijl het juist voor deze zondag is gschreven. Zoals er zoveel waardevols over het hoofd wordt gezien en begraven in onverschilligheid. Welnu, ineens komt het dan toch boven, dat zult u wel herkennen. Ineens is er dat woord, dat melodietje, dat gedicht, of het gezegde dat je vader of je moeder als een lijftekst had. Maar nu dan dit, gezang 453:

1
Wachters van de tijd,
licht zal in uw ogen wonen,
wil aan alle mensen tonen
van uw vrolijkheid.
Sion, zing, daar is licht!
2
Groet de dageraad,
heden zal de zon u vinden
die genezing voor de blinden
in haar wieken draagt,
nachten, zing, God is licht!

3
Met gerechtigheid
zal Hij ’t huis van David stutten
en Hij zal zijn schouders bukken
onder wet en tijd,
onze loot, wijn en brood.
4
Midden onder u
heeft Hij zijn verblijf geslagen
om uw zonden weg te dragen,
wacht het wonder nu
van de Zoon die hier woont.

5            

Maak de tafel klaar

met zijn vreugde overvloedig,

want de bruidegom komt spoedig

onze Heer is daar!

Breek het brood van zijn dood.

Woensdag 16 december

Het midden van de week, het midden van het leven, het midden van de levenstijd, middenin alles wat het leven ons biedt. Dus ook middenin de corona-ellende. We praten er zoveel over, we denken er zo vaak aan, wat valt er nog te zeggen? Hoe kom je de tijd door, hoe kom je bij morgen? Hoe kom je zover dat je uitzicht krijgt, hoop, vertrouwen dat er oor alles heen een nieuwe tijd daagt? Hoe stellen wij ons teweer? Hoe speken wij de bronnen aan waaruit wij leven? Ik dacht aan psalm 18, daar lees ik, bid ik:

HEER, met U neem ik een horde,

met U, mijn God, spring ik over een muur.

Donderdag 17 december

Over de helft van de week begin je toe te leven naar de volgende die begint met de zondag, de vierde advent. Dan is de psalm van de zondag van oudsher psalm 19.

De graficus J.A.M. Bossaert heeft zo’n veertig jaar geleden bij alle 150 psalmen een linosnede gemaakt van uitzonderlijk hoge kwaliteit, die hij Psalmsneden noemt. Op de bijgaande afbeelding ziet u zijn linosnede bij psalm 19. Een letterlijk en figuurlijk schitterende voorbode van het naderende kerstfeest.

Deze psalmsnede is gemaakt bij de tekst van vers 7.

God heeft een tent opgeslagen voor het kind van Bethlehem, dat opkomt als de zon.

Aan het einde van de hemel komt hij op,

aan het andere einde voltooit hij zijn loop,

niets blijft voor zijn gloed verborgen.

Vrijdag 18 december
Wij hadden vroeger op vrijdag bloemkool op tafel (vader lustte eigenlijk alleen bloemkool), of een gehaktbal met koolraap en aardappelen (daar hield moeder het meest van, ze maakte het vaak). Bij de buren echter, was elke vrijdag visdag. Zij waren van een andere kerk, vandaar. Omdat ik van onze kerk was, heb ik als kind maar zelden vis gegeten. Moest ik later de schade inhalen. Zo kan het gaan in de oecumene.
U zult het wel weten, de vis is een symbool van Christus. In de bijbel, in het Grieks van het Nieuwe Testament, is ‘Ichthus’ het woord voor vis, maar ook een afkorting (Monogram) van ‘Jezus Christus Gods Zoon Redder’. De onvolprezen dichteres Ida Gerhardt schreef een gedicht onder de titel ICHTHUS. Ze schreef als was zij een kind, spelend op het strand.

De vis, getrokken door mijn hand
en èven vrij nog van de golven,
zal straks gewist zijn van het strand
en door de grote vloed bedolven.
Maar in het water, dat hem nam
zwemt levende het Monogram.
Geheime trek van tij en maan:
Hij zal op alle kusten staan.

Zaterdag 19 december
Voor de Paasmorgen en na de Goede Vrijdag kennen wij de Stille Zaterdag. Kort gezegd: een dag van wachten in het donker van de dood op het licht van de opstanding. In de tijd die wij nu doormaken, zal de zaterdag voor menigeen elke week een stille zaterdag zijn. Weinig bezoek, weinig contact, weinig te doen buiten en binnen. En als je nog een boodschap doet, liefst zo snel mogelijk weer buiten. Niks gezellige kletspraatjes bij de doperwten of bij het brood. Voor deze zaterdagen vond ik een woord of twee, in psalm 142 en in psalm 51. Die woorden geef ik u graag door:

Nu mijn geest mij overstelpt en ik sprakeloos ben,
zie ik geen verschil meer tussen goed en kwaad,
maar Gij zijt het die weet hoe het met mij verder moet.

Heer over mij, open mijn lippen, wel opnieuw mijn gebed, dan zal mijn mond zingen van uw eer.

Zondag 20 december 2020
De psalm die traditioneel bij de vierde adventszondag hoort is psalm 19.
Een psalm over Gods majesteit, over de zon die over ons opgaat. Licht en warmte.
In de duisternis van de tijd, in de kilte van de nacht zoekt hij ons op om ons met zijn woord. Als een lamp voor onze voet, als een licht op ons pad. Verwarmend en ontdooiend.
Het woord waarvan wij belijden dat het in Jezus vleesgeworden is en als mens onder ons heeft gewoond.

De hemel verhaalt van Gods majesteit,
het uitspansel roemt het werk van zijn handen,
de dag zegt het voort aan de dag die komt,
de nacht vertelt het door aan de volgende nacht.
Toch wordt er niets gezegd, geen woord
gehoord, het is een spraak zonder klank.
Over heel de aarde gaat hun stem,
tot aan het einde van de wereld hun taal.
Daar heeft hij een tent opgeslagen voor de zon:
een jonge bruidegom die het bruidsbed verlaat,
een held die vrolijk voortrent op zijn weg.
Aan het ene einde van de hemel komt hij op,
aan het andere einde voltooit hij zijn loop,
niets blijft voor zijn gloed verborgen. (Psalm 19: 2 – 7)

Maandag 21 december 2020
Ik?

Jij, jij bent het, met jou gaat het beginnen.
Jou heb ik nodig voor mijn plan.
Ja jij, jij mag je aangesproken weten.
Jij bent begenadigd, God is met jou.

Ik? Wie ben ik?
Ik ben maar gewoon, ik doe maar gewoon.
Waarom zou ik nodig zijn voor zoiets groots?
Is het omdat God het van ons, gewone mensen, moet hebben?
Ik weet niet wat ik moet zeggen, behalve dan dit: ‘Oké!’
Maar niet zonder Jou.
Nooit zonder Jou
Kome wat komt: Jouw licht in mij.

Het is oké.
Ontsteek het maar, dat vierde licht. (Jantine Heuvelink, De Eerste Dag 44-1 blz. 15.)

Dinsdag 22 december 2020
Uit het lied ‘Gij die de wolken scheurt’ van Kees Pannekoek:
(o.a. te vinden in Zingend Geloven deel 6, nr. 90)

Gij die op aarde komt
zo klein en weerloos als een kind, –
laat uw komst ons niet ontgaan.

Gij die genoemd wordt: God met ons,
kind van de Geest, een man van vrede,
ontferm U over ons.

Gij die herder en koning blijft
tot in de eeuwen der eeuwen,
maak ons waakzaam tot in het eind.

Doe ons uitzien naar uw gaven
en maak ons ontvankelijk als Maria,
de moeder van Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer.

Woensdag 23 december 2020
Refrein:
Iedere tijd opnieuw gaat zijn genade
naar allen die eerbiedig met Hem leven,
want geweldig is mijn God.

Ik zing van ganser harte voor de Heer,
ben opgetogen om mijn God en Redder,
want Hij had oog voor mij, zijn dienares,
maar wie ben ik dat Hij mij heeft gevraagd.

Nu mag ik mij voortaan gelukkig prijzen
dat Hij zo grote dingen aan mij deed,
en alle eeuwen stemmen met mij in:
de Heer is machtig en zijn Naam is heilig.

Iedere tijd opnieuw gaat zijn genade
naar allen die eerbiedig met Hem leven;
genade is zijn kracht, maar alle hoogmoed,
al onze eigenwaan ontmaskert Hij.

Alle machthebbers stoot Hij van hun tronen,
arme en kleine mensen maakt Hij groot,
wie honger hebben geeft Hij overvloed,
en rijken stuurt Hij heen met lege handen.

Altijd is Hij zijn volk nog trouw gebleven.
altijd bezorgd om Israël, zijn dienstknecht.
Zo had Hij het beloofd aan onze Vaderen,
aan Abraham en aan zijn volk voorgoed.
(Huub Oosterhuis, Lucas 1:46-56, gezang 157b)

Donderdag 24 december 2020
Uit gezang 466 (couplet 5 en 6):

Oriens – Opgang uit den hoge
Daag op, o grote dageraad,
licht aan, wij zijn ten einde raad,
verjaag de nacht van onze nood
en maak uw toekomst rozerood!
O, kom, o kom, Immanuël!
Verblijd uw volk, uw Israël!

Rex gentium – Koning van de volken
Koning der volken, heers alom
en, eerste van de aarde, kom!
Gij hoeksteen, maak ons samen één,
verzamel allen om U heen!
O, kom, o kom, Immanuël!
Verblijd uw volk, uw Israël!

Allen gezegende kerstdagen gewenst!
Hans van der Linden.

De illustraties zijn afkomstig uit het fotoarchief van Paul van Mansum

Deze kalender is een uitgave van de Protestantse Gemeente Kethel te Schiedam

Reacties zijn van harte welkom: hansvanderlinden2@outlook.com, tel. 06 49430951